Selfie

Het is vrijdag en vandaag zijn we in Udawalawe. Het Udawalawe National Park is een van de mooiste natuurparken van Sri Lanka en thuis voor een grote olifantenpopulatie. Na een jeepsafari door het park bezoeken we het Elephant Transit Home, een tehuis waar wees- of uit de kudde verstoten olifanten worden opgevangen totdat ze klaar zijn voor een terugkeer in de natuur. We zitten op een tribune rondom een omheind verblijf. De  tribune zit afgeladen vol met kinderen, de meesten in het uniform van hun elementary school. Een gejuich gaat op als de eerste olifantjes aan komen rennen en boven een soort toog door de verzorgers een slang in de mond krijgen gestopt. De melk gutst op de grond en met grote, gulzige slokken drinken ze de trechter leeg. Dit schouwspel wordt nog een keertje of 25 herhaald totdat alle olifantjes hun portie hebben gehad. Tussen de olifanten ontfermt een wat ouder olifantenvrouwtje zich over de benjamin van de groep, een babyolifantje van nog geen jaar oud. Ze is zijn moeder niet maar haar moederinstinct is duidelijk al goed ontwikkeld en ze beschermt het kleintje voortdurend. Van de tribune klint het ‘’Aaaaahhh’’ en “Ooooohhh”. Anna en Arthur doen uitbundig mee.

In het kleine museum wat bij het tehuis hoort leren we allerlei leerzame en leuke weetjes over olifanten.‘’Moet je kijken, papa. Olifanten kunnen andere olifanten troosten met hun slurf’’, zegt Anna als we voor een tekening staan van twee olifanten die elkaar omhelzen. ‘’Olifanten zijn net als mensen zeer sociale dieren en hebben behoefte aan contact’’, staat eronder geschreven. Even verderop leren de kinderen dat een van de duurste koffies ter wereld, uit Thailand, wordt gemaakt van ‘elephant dung’. ‘’Bah’’, roept Arthur uit als we uitgelegd hebben wat dat betekent. 

Bij de uitgang staan we stil voor een laatste tekening. ‘’Selfie’’, zeggen Anna en Arthur in koor en we lachen om de afbeelding van een olifant met een telefoon in zijn slurf. In een safaripark in Engeland heeft een olifant genaamd Latabe in 2014 een selfie gemaakt met de telefoon die een bezoeker had laten vallen. 

Olifanten zijn echt net als mensen!

Net als in Europa heeft ook in Sri Lanka iedereen een mobieltje. Waar we ook komen zien we jongens en meisjes vanaf een jaartje of 14 aan hun telefoon gekluisterd, poserend of selfies makend. Voor de zee, voor een gebouw of iets anders wat goed gepost kan worden, zoals een Nederlands gezin op reis door Sri Lanka.

‘’Please, can we take a picture?’’ Hij houdt zijn telefoon een beetje scheef zodat iedereen goed op de foto past. Wij, op de achtergrond, breed lachend maar toch ook een beetje gegeneerd. Daarvoor de hele familie: papa met een kind in zijn armen, mama en twee tienerdochters. Dan Anna en Arthur, die zoals vaak zijn ogen bijna dicht knijpt tegen de felle zon. En op de voorgrond met pet en ketting om de nek, de oudste zoon die het geheel vastlegt. Serieuze, enigszins uitdagende blik in de camera. De foto kan zo op Instagram. 

De eerste keer dat ons de vraag gesteld wordt is in Karak in Jordanië, maar ook in Oman en Sri Lanka komt de vraag steeds vaker terug. Wij denken dat het komt doordat we een reizend gezin zijn met twee kleine kinderen, of anders door Anna’s blonde haren. Andere mensen die zonder kinderen reizen lijken de vraag minder vaak te krijgen. Of het nou in een boeddhistische tempel in Anuradhapura, in de botanische tuinen in Kandy, voor de grottempels van Dambulla of of gewoon ergens in de bergen of op het platteland, iedere keer weer willen gezinnen met ons op de foto.

In Anuradhapura vraagt een groep jonge meiden of ze met Anna en Arthur een selfie mogen maken. Nou ja, vragen? De meiden, in het wit gekleed voor het bezoek aan de tempels, zijn tussen de twaalf en 15 jaar en gaan gewoon om ze heen staan. Terwijl Anna en Arthur in de camera kijken, staat een klein meisje van een jaar of 5 ze met haar rug naar de camera aan te gapen. Ze is duidelijk onder de indruk. 

Op een dag besluit Marie-Laure na het zoveelste verzoek de waarom-vraag te stellen. De man in het gezelschap blijft een beetje op de achtergrond. De drie vrouwen, donkere huid, lange kleurrijke sari’s en een brede lach antwoorden dat onze kinderen er zo schattig uitzien. “Almost like dolls with their big eyes’’. Dat is het dus, onze kinderen zien eruit als poppen met hun blonde haren, grote lichte ogen en blanke huid. Een plaatje dat ze graag vereeuwigen en aan hun vriendinnen laten zien.

Sommige selfies zijn onschuldig, andere leveren soms hachelijke situaties op. In Ella bijvoorbeeld, een populaire bestemming centraal gelegen in de Hooglanden van Sri Lanka, waar we 5 dagen zijn gebleven. Ella is een klein dorpje van niet meer dan 3 straten, er is niet heel veel te doen maar er hangt een ontspannen sfeer. Het dorpje ligt ingeklemd tussen de bergen en theeplantages. Ella heeft een eigen station op de populaire spoorlijn vanuit Kandy naar Badulla.  De laatste jaren is Ella een populaire bestemming geworden voor rugzaktoeristen en jonge gezinnen. Het dorpje ontwikkelt zich snel: cafés, guesthouses en legio trendy winkeltjes, allemaal hebben ze een hoog lean back-and-relax gehalte. Vlak voordat je het station binnenrijdt kom je met de trein over de Nine Arch Bridge, een spectaculaire, door de Engelsen gebouwde stenen boogbrug, op het hoogste punt zo’n 75 meter hoog. Nine Arche Bridge is een van de trekpleisters van Ella en de passerende trein trekt dagelijks een hoop bekijks.

Het is al vrij druk als we de brug na een wandeling van 45 minuten bereiken. Over een half uur komt de trein langs. Naast een hoop toeristen zijn er ook veel Sri Lankanen. In februari hebben de meeste scholieren een paar weken vrij en veel mensen nemen dan vakantie. Een paar Sri Lankaanse jongeren van een jaar of twintig staat midden op de brug te wachten. Van een afstandje slaan we het tafereel gaande. Een van de jongeren klimt op de 1 meter hoge rand van het viaduct, al snel gevolgd door twee van zijn vrienden. Het moment is slecht gekozen. Twee dagen eerder, de dag nadat wij in Ella aankwamen is een Tsjechische backpacker ’s nachts in een hotel van een slecht beveiligd balkon gevallen. De jongen overleeft zijn val niet. Al dagen is de veiligheid van de snel uit de grond schietende hotels, bars en guesthouses maar ook het onverantwoordelijke gedrag van jongeren het onderwerp van gesprek. Terwijl de jongens op hun teenslippers op het randje staan maakt een andere vriend foto’s. Ik kan er niet naar kijken. Eén verkeerde beweging en het is gedaan. Tien meter verderop gooit een meisje haar voeten over de rand. Achterover liggend lacht ze naar haar vriend, haar benen bungelend in de afgrond. Klik, klik, klik! Ik vraag me af waarom zoveel mensen bereid zijn om hun leven in de waagschaal stellen voor een foto. 

Alsof het enige wat telt de kracht van het beeld is dat ze proberen op te roepen. Stoer en sterk, knap en stijlvol of slank en sensueel. En als het beeld goed is wordt het gepost op Instagram, Facebook of TikTok. 

Uiteindelijk zijn olifanten toch niet echt als mensen. Ze zijn veel slimmer.

Plaats een reactie